MV : Beeld : het blad van de boom.

Tijdens onze uitstap naar het bos bekeken we de bladeren die aan de bomen hangen en die op de grond liggen.
We stonden stil bij hun kleuren ( rood, bruin, oranje, zwart , groen,…), bij hun vorm ( groot, klein, rond, ovaal…), bij de lijnen aan het uiteinde in het midden van het blad.

We hebben de bladeren mee genomen naar de klas.
Daar konden we ze nog eens aandachtig bekijken.

De nerven in het blad en rondom het blad. ( hoekig, strak, …)
We voelden aan het blad. ( textuur.)
We bekeken de kleuren. ( rood, groen, zwart, bruin, oranje, …)
We bekeken de compositie ( hoe de nerven tegenover elkaar staan. )

We stempelden een blad. We kregen een voorgevormd blad. Met herfstkleuren stempelden we ons blad in.

Na het drogen gingen we met zwarte verf de nerven schilderen en de vorm rondom het blad.